De dubbeldeksrijtuigen type DDM werden begin jaren 1980 besteld om het hoofd te kunnen bieden aan het grote aantal reizigers en de beperkte
perronlengte in de provincie Noord-Holland. De rijtuigen hebben op de balkons extra brede deuren om de passagiers snel te kunnen laten in- en
uitstappen. De rijtuigen worden ingezet in trekduw-bedrijf met een lokomotief serie 1600 (tegenwoordig serie 1800). De stuurstandrijtuigen hebben
pantografen, maar deze dienen alleen voor de stroomvoorziening op momenten dat er geen lokomotief aan de rijtuigen staat gekoppeld. De
stuurstandrijtuigen dragen de namen van bedreigde diersoorten.
Verschillende ABv- en Bvk-rijtuigen zijn aangepast voor het gebruik in Intercitytreinen tussen Haarlem en Eindhoven/Maastricht.
In september 2010 zijn de DDM-rijtuigen buiten dienst gesteld.
| Serie | Bvk 50 84 26-37 101-1 t/m 115-1 | Bv 50 84 26-37 401-5 t/m 441-1 | ABv 50 84 26-37 601-0 t/m 635-8 |
| Lengte | 26.400 mm | 26.400 mm | 26.400 mm |
| Gewicht | 53 ton | 44 ton | 44 ton |
| Aantal zitplaatsen | 108 2e klas | 140 2e klas | 64 1e klas, 60 2e klas |
| Aantal klapzitjes | 17 | 20 | 20 |
| Fabrikant | Talbot | Talbot | Talbot |
| Bouwjaar | 1984-1986 | 1985-1986 | 1985 |
![]() |
Lokomotief 1609 met een stam DDM-rijtuigen onder de karakteristieke stationsoverkapping van Tilburg; 25 augustus 1988. |
![]() |
Dubbeldeksrijtuig Bv 50 84 26-37 425-4 was tijdens een Open Dag van NS in Amersfoort te bewonderen; 10 oktober 1987. |
![]() |
De DDM-rijtuigen kennen geen airconditioning. Omdat de gebogen ramen door de bovenverdieping niet open kunnen zijn ventilatieroosters boven de ramen aangebracht. Op de foto de bovenverdieping van Bvf 50 84 26-37 501-2. Maastricht, 30 juli 2004. |
![]() |
Compartiment tweede klasse van DDM-rijtuig Bv 50 84 26-37 475-9. Amsterdam Centraal, 17 september 2004. |
![]() |
Voor het fietsvervoer in de Intercitytreinen op de verbinding Haarlem-Maastricht worden gedurende de zomermaanden DDM-rijtuigen gebruikt. De
bovenverdieping van de rijtuigen blijft in gebruik voor reizigers, maar op de benedenverdieping wordt al het interieur verwijderd. Hiervoor in de
plaats komen beugels waarin fietsen kunnen worden gehangen. Om het in- en uitstappen snel te laten verlopen word één balkon voor het instappen en
één balkon voor het uitstappen gebruikt. Op de foto de fietsafdeling van Bv-rijtuig 50 84 26-37 501-2 te Maastricht; 30 juli 2004. |
![]() |
Een van de DDM-rijtuig ABv 50 84 26-37 635-8 in trein S5837 (Alkmaar - Amersfoort Schothorst) op Amsterdam Centraal; 17 september 2004. |
![]() |
Interieur 1e klasse op de bovenverdieping van rijtuig ABv 50 84 26-37 634-1. Amsterdam Centraal, 17 september 2004. |
![]() |
Het interieur eerste klasse op de benedenverdieping van ABv 50 84 26-37 628-3. Amersfoort Schothorst, 16 september 2005. |
![]() |
Een aantal ABv-rijtuigen is gewijzigd in Bv-rijtuigen. Deze zijn uiterlijk eenvoudig herkenbaar door het verschil in de breedte van de ramen van de oorspronkelijke eerste en tweede klasse. Vaak is de plaats van de geblokte band die de eerste klasse aangaf zo weggewerkt dat deze nog duidelijk herkenbaar is. Bij rijtuig 50 84 26-37 477-5 is bovendien nog een eerste klassecijfer zichtbaar en is het oorspronkelijke nummer 50 84 26-37 608-5 nog onder het nieuwe nummer leesbaar. Amsterdam Centraal, 7 oktober 2005. |
![]() |
In de tot Bv gewijzigde ABv-rijtuigen hebben de stoelen in de voormalige eerste klasse alleen een andere bekleding gekregen. De afstand tussen de stoelen ('steek') is niet gewijzigd. Slimme reizigers reizen zo met eerste klasse-ruimte voor een tweede-klasse prijs. Amsterdam Centraal, 28 oktober 2005. |
![]() |
De kenmerkende balkons met trappen en kunst op de schuine wanden van de DDM-rijtuigen. Maastricht, 30 juli 2004. |
![]() |
Stuurstandrijtuig 50 84 26-37 112-8, voorzien van de naam en afbeelding "Cheeta", vertrekt aan kop van een stam DDM-rijtuigen naar Amsterdam. Almere Centraal Station, 9 juni 1987. |
![]() |
Op de zijwanden van alle Bvk-rijtuigen is de afbeelding en de naam van een bedreigde diersoort aangebracht. Dit is een gezamenlijk initiatief
van NS en het Wereld Natuur Fonds in een poging om ruimere aandacht aan deze dieren te schenken. De stuurstandrijtuigen dragen de namen Condor,
Ooievaar, Bison, Walvis, Neushoorn, Arend, Zeehond, Olifant, Tijger, Cheetah, Dolfijn, Otter en Panda. Rijtuig Bvk 50 84 26-37 108-6 net naam en afbeelding Olifant. Utrecht CS, 1 juni 1987. |
![]() |
De cabine van Bvk-rijtuig 50 84 26-37 112-8 (6912) heeft veel overeenkomsten met die van de lokomotieven serie 1800. Amsterdam Centraal, 28 oktober 2005. |
![]() |
De overbrenging van de eerste dubbeldekker Bv 50 84 26-37 401-5 naar de lijnwerkplaats Amsterdam Zaanstraat achter lokomotief 1648. Amsterdam
Spaklerweg, 4 oktober 1984. Foto: F. van der Jagt Klik hier voor meer informatie over de overbrengingen van Talbot naar Nederland. |
![]() |
Met de komst van de dubbeldekrijtuigen type DDM kwam een geheel nieuw soort trein het materieelpark van NS versterken waarvoor grote belangstelling bestond. Om het publiek kennis te laten maken met het dubbeldekmaterieel zijn diverse rondritten met met de nieuwe dubbeldekrijtuigen gereden. Utrecht CS, 28 december 1985. |
![]() |
De stuurstandrijtuigen hebben een pantograaf op het dak, waarmee in de stroomvoorziening voorzien kan worden op momenten dat er geen lokomotief aan de rijtuigen gekoppeld is. Dit gebeurd bijvoorbeeld bij het voorverwarmen van de rijtuigen. De pantograaf is een van punten waar deze stuurstandrijtuigen afwijken van die van de rijtuigen van het type DD-AR. Deze laatste hebben namelijk geen pantograaf. Amsterdam Centraal, 10 augustus 2007. |
![]() |
Na de ICK- en ICR- en DDM-fietsenrijtuigen worden ook de andere DDM-rijtuigen voorzien van een stamnummer. Hoorn, 8 september 2005. |
![]() |
Na een periode in de intercitytreinen serie 800/900 (Haarlem-Heerlen/Maastricht) gereden te hebben staan de stuurstandrijtuigen 50 84 26-37 101-1 en 50 84 26-37 102-9 buiten dienst in de revisiebedrijven Haarlem en Zaanstraat. De rijtuigen worden gebruikt bij het testen van rijtuigen die onderhoud hebben gekregen. De 102 "Ooievaar" is daarbij op de cabinezijwand voorzien van een oranje sticker gekregen met het opschrift "testrijtuig". Amsterdam Zaanstraat, 21 april 2006. |
![]() |
In september 2010 zijn de DDM-rijtuigen buiten dienst gesteld. Op dat moment was het aantal buiten dienst gestelde rijtuigen beperkt tot twee exemplaren. Een daarvan betreft Bv-rijtuig 50 84 26-37 472-6, dat betrokken was bij een brand in Enkhuizen op 23 januari 2006. Haarlem, 18 juni 2010. |
![]() |
Een materieeltekort, ontstaan door het winterweer eind 2010, heeft ervoor gezorgd dat een groot deel van het aantal DDM-rijtuigen weer in dienst
is gesteld. In totaal zijn tien stammen van 6 rijtuigen samengesteld. De inzet is gestart per 23 januari 2011 in de spitstreinen treinserie 14500
(Amsterdam Centraal - Enkhuizen). Op de foto een van de geactiveerde rijtuigen, ABv-rijtuig 50 84 26-37 622-6. Amsterdam Centraal, 7 januari 2011. Per 1 april 2011 staan alle DDM-rijtuigen weer terzijde. Een ook ditmaal geen definitieve buitendienstelling. In de periode september-november 2011 zijn tien stammen gereed gemaakt voor enkele treinen in de serie 14500 (Amsterdam Centraal - Enkhuizen) en als reserve. Op 21 november 2011 reed de eerste trein. Nieuw is dat het DDM-materieel nu niet meer gereden wordt met lokomotieven serie 1800, maar met aangepaste lokomotieven van de serie 1700. |
Verder naar nummering en vernummering rijtuigen type DDM (pagina opent in een nieuw venster).